Er komt steeds meer aandacht voor persoonsgerichte zorg. Dit is zorg waarbij de zorgvrager centraal staat en meer gekeken wordt naar iemands persoonlijke behoeften, wensen en voorkeuren. De zorgverlener benadert de persoon niet als patiënt of cliënt, maar als mens. Centraal staat de vraag: wat heeft de zorgvrager nodig om zich gezond en gelukkig te voelen?
Als Alliantie Gezondheidszorg op Maat zien we met betrekking tot diversiteit in sekse, gender en seksuele oriëntatie bij persoonsgerichte zorg een rol voor positieve bejegening en ondersteuning op maat. Zo staan bij een gesprek in de spreekkamer respect en bevestiging centraal:
- Vraag naar de gewenste aanspreekvormen en gebruik deze consequent. Vraag niet naar mevrouw (+achternaam) of meneer (+achternaam) als iemand liever met voor- en achternaam wordt aangesproken. Vooral niet in een publieke ruimte zoals een wachtkamer.
- Vraag hoe iemand zichzelf noemt als het om genderidentiteit en seksuele oriëntatie gaat en gebruik die termen ook om deze persoon te beschrijven.
- Gebruik actuele terminologie. Je spreekt bijvoorbeeld over transgender personen, niet over transgenders of transseksueel. De term transgender spreekt een grotere groep mensen aan en past beter omdat het een beschrijving is.
- Geloof je cliënt. Stel trans-gevoelens, of ervaringen rond intersekse, niet ter discussie en ga uit van de ervaring van je cliënt.
- Luister reflectief. Stel open vragen en check of je het antwoord goed hebt begrepen door het kort samen te vatten (‘Klopt het dat…’).
Meer weten over persoonsgerichte zorg? Bekijk dan de rest van onze tips op de Toolkit Komt een mens bij de dokter.